De geschiedenis van het stripverhaal 39: Eisner & Lee in WOII

0
97

We hebben al beschreven wat de oorlog voor invloed had op de strips in Nederland en Europa. In Europa hield dat onder andere in dat Amerikaanse strips niet meer uitgegeven mochten worden. In 1940 schreef de SS-krant ‘Das Schwarze Korps’ een stuk over de Joodse Jerry Siegel. In dat artikel werden de daden van Superman vergeleken met een insectenplaag. Dat weerhield de stripmakers in de VS niet om verhalen en personages te bedenken die tegen de Nazi’s vochten (Captain America is hier een mooi voorbeeld van). Maar de aanval op Pearl Harbor op de vroege ochtend van zondag 7 december was een keerpunt in de geschiedenis. Want vanaf dat moment waren de Verenigde Staten ook actief betrokken in de Tweede Wereldoorlog.

Dit had ook invloed op de strips. De uitgeverij DC comics koos ervoor om vanaf dat moment geen helden van hun meer te laten vechten tegen de nazi’s in de strips. De reden hiervoor was dat men vond dat dit soort verhalen de ervaringen van de echte soldaten die nu tegen de Nazi’s moesten vechten zou devalueren. Maar er was nog iets anders wat er stond te gebeuren. De makers van de comics waren namelijk vrijwel allemaal jonge mannen en toen de Verenigde Staten ook mee ging vechten, werden deze mannen opgeroepen voor het leger.

Zo werd Will Eisner gestationeerd in Aberdeen Proving Ground in Maryland. Dit was toen (en zelfs nu nog) de plek waar nieuwe wapens worden getest. Op dat moment was zijn strip The Spirit in de krant The Baltimore Sun erg populair. Die krant werd veel gelezen in Maryland en het duurde ook niet lang voordat Will werd herkend als de maker van The Spirit.

Vanaf dat moment werd Will ingezet bij het maken van handleidingen van apparatuur. Hij werd de art director van het tijdschrift Army Motors, een blad dat bij de soldaten onder de aandacht wilde krijgen dat onderhoud aan apparatuur noodzakelijk was. Will vond de tekeningen droog, technisch en doorspekt met militaire jargon. Will stelde voor om zijn kennis van strips in de bladen te gebruiken. Een idee wat door zijn superieuren werd omarmd. Will ging aan de slag en maakte een aantal illustraties. Met zijn tekeningen, humor en (normaal) taalgebruik maakte hij stukken die door veel meer mensen begrepen werden.

De hoge heren in het leger waren echter niet tevreden met het werk dat Will maakte. Het zou niet voldoen aan de procedures en de grappen in zijn werk waren ook een pijnpunt. Men vond niet dat je grappen kon maken over iets als onderhoud om ongelukken te voorkomen. Daarnaast werden er ook grappen gemaakt over officieren en dat kon ook niet. De adjudant generaal verantwoordelijk voor de technische materialen schakelde de universiteit van Chicago in voor een onderzoek. Hij wilde wel eens weten wat het meest effectief was. De ‘normale’ werkwijze van het leger of de werkwijze van Will. Het werd een duidelijke uitslag: Wills handleidingen werden veel beter begrepen dan de oude versies. Hij mocht dus doorgaan.

Will was ook goed in het tekenen van technische apparatuur. Hierdoor konden soldaten de tekening van Will volgen om iets goed te onderhouden of als er iets gerepareerd moest worden. Fotograven was een stuk moeilijker omdat de verlichting goed zou moeten zijn en op sommige plaatsten kon je niet makkelijk komen met een foto toestel. Will zijn tekeningen konden ‘overal bij’. Will werd uiteindelijk bij het Pentagon gestationeerd om daar te gaan werken. Hij werkte aan het blad Army Motors. En hij ontwikkelde een strip rondom soldaat Joe Dope een wat klungelige soldaat die moest laten zien wat er gebeurde als je niet je apparaten goed onderhield.

Tijdens zijn militaire loopbaan werd zijn strip The Spirit overigens nog steeds geproduceerd. Dit gebeurde door assistenten van Will, die in zijn naam verhalen bedachtten en tekenden. In 1945 verliet Will het leger weer als officier. Hij vertrok naar Europa om te zien wat er allemaal had plaats gevonden. En in 1948 richtte Will de American Visual Corporation op, een bedrijf dat visuele uitleg gaf zoals hij dat bij het leger had gedaan. Hij verkocht zijn diensten aan bedrijven en overheden. Een van zijn klanten werd het leger waar hij in had gediend. Dit alles deed hij naast zijn werk aan The Spirit, wat hij weer overnam nadat hij het leger had verlaten.

Ook Stan Lee werd betrokken bij de oorlog. De dag na de aanval op Pearl Habor, meldde Stanley zich aan bij het leger om mee te vechten tegen de Nazi’s. Stan werd geplaatst bij de Signal Corps. Daar moest hij ervoor zorgen dat communicaties tussen de units kon blijven bestaan. Toen men door kreeg dat Stanley schrijverstalent had, werd hij overgeplaatst. Zo kwam hij terecht op de Training Film Division, waar hij samen met slechts acht anderen de militaire classificatie ‘Playwright’ kreeg. Stanley schreef korte films, pamfletten en teksten voor posters gerelateerd aan het leger. Hiervoor werkte Stan samen met de destijds erg bekende regisseur Frank Capra en met Charles Addams (bekend van de Addams Family). 

Daarover meer in de volgende aflevering.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.