De geschiedenis van het stripverhaal 29: Nederlandse strip in WOII

0
68

Het Duitse leger viel op 10 mei 1940 Nederland binnen. Met de bezetting van de Duitsers kwamen er ook een aantal nieuwe regels, waar iedereen mee moest leren leven. Radio was verboden en het ANP werd gecontroleerd door de Nazi’s. Men noemde het ANP in die tijd daarom soms ook wel Aldolfs Nieuws Papagaai.

De kranten importeerden altijd veel stripverhalen vanuit de Verenigde Staten, maar natuurlijk werd dat al snel verboden. Kunstenaars die wilden blijven werken moesten daarna lid worden van de door de Duitsers ingestelde Kultuurkamer. Veel kunstenaars wilden dat niet doen omdat ze dat als buigen voor de vijand zagen. Mensen die hun geld ook konden verdienen met het illegaal verkopen van hun werk konden zo de Kultuurkamer ontlopen. Vele tekenaars die voor de kranten de strips tekenden, konden dit echter niet illegaal doen.

De Duitsers controleerden door hun grip op het ANP het nieuws en hadden al snel door dat het mogelijk was om via strips te communiceren. Dit hield in dat ze daar scherp op toekeken en ingrepen waar ze dat nodig achten. Bovendien werd er door de Duitsers ook gepropagandeerd in strips. Een slachtoffer van beide voorbeelden hoe de Duitsers met strips omgingen werd ene Henk Backer.

Henk Backer was van plan om net als zijn vader leraar te worden, maar moest vanwege ziekte de opleiding staken. Vervolgens begon hij een kunstopleiding in Rotterdam en ging aan het werk bij het Rotterdamse Nieuwsblad. In 1921 verscheen de strip Nieuwe Oostersche Sprookjes van hem in bovengenoemde krant. De strip werd later omgedoopt tot Yoebje en Achmed en liep tot 1923. Deze strip wordt als de eerste Nederlandse krantenstrip gezien. In datzelfde begon Henk met de strip De Wonderlijke geschiedenis van Tripje. Na verloop van tijd werd deze strip Tripje en Liezabertha genoemd.

Ook startte Henk met de Strip Adolphus. Adolphus ging over een wat sukkelige man van middelbare leeftijd die allerlei gekke avonturen beleefde. Na de bezetting mocht Henk niet doorgaan met de strip van Adolphus. Mensen konden dit wel eens verwarren met de Duitse leider en die had een heel ander imago hoog te houden. Dit hield dus in dat de strip van Adolphus moest stoppen.

Adolphus stripje uit 1938

Tegelijkertijd werd Henk door de bezetters ook gevraagd of hij Tripje en Liezebertha zou willen aanmelden bij de Nationale Jeugdstorm. De Jeugdstorm was de Nederlandse tak van de Hitlerjugend. Henk weigerde dit en ook deze strip werd stop gezet door de Duitsers. Na de oorlog zou Henk Backer zijn beide strips weer oppakken.

Er waren echter een handje vol tekenaars die wel bereid waren om voor de Duitsers striptekeningen te maken. Op dat moment was in Duitsland het niveau van strips veelal niet anders dan een prentje met een rijmpje eronder. De Nederlandse strips waren met de tekstblokken onder de tekeningen voor de Duitsers een stap vooruit. De Duitsers wilden in de strips voornamelijk de geallieerden te kakken zetten en jongeren aanmoedigen zich bij de National Jeugdstorm te voegen. Ook werd de ‘Nederlander’ vaak te kakken gezet.

Toch werden de strips vaak wel gezien als het lichtpuntje in het leven van de mensen. De realiteit van het bestaan was zwaar genoeg en men vond de strips een fijne korte afleiding. Mensen knipten veelal de stripjes uit de krant voordat de krant diende als brandstof voor de kachel. En zoals al gezegd, doordat er een import verbod was, konden de uitgeverijen niet meer gebruik maken van de strips die uit het buitenland. Dit hield in dat Nederlandse stripmakers een kans kregen om in de krant te komen.

Wordt vervolgd.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.