Het spookje – Otfried Preussler

0
139

Otfried Preussler kennen we natuurlijk allemaal van zijn klassieker Meester van de zwarte molen, die in 1972 voor het eerst in Nederland verscheen. Minder bekend zijn echter zijn verhalen voor een wat jongere doelgroep: Het spookje en De kleine heks bijvoorbeeld. De Kinderboekenweek is natuurlijk het perfecte moment om deze twee fantasieverhalen weer even extra onder de aandacht te brengen; iets wat ook uitgeverij Lemniscaat gedacht moet hebben, want speciaal voor de Kinderboekenweek besloot de uitgever deze twee verhalen in een prachtig nieuw jasje te steken.

Nachtspookjes en dagspookjes

Het spookje vertelt over een klein, spierwit spookje dat in Slot Uilenstein woont. Elke nacht om precies twaalf uur wordt hij wakker en begint zijn spookuur. Hij zweeft het hele slot door, kletst wat met de portretten in de ridderzaal en gaat regelmatig op bezoek bij zijn beste vriend Oehoe Sjoehoe de uil. Eigenlijk heeft hij een prima leven, al heeft het spookje één grote wens: hij zou zo graag de wereld eens bij daglicht bekijken. Iets wat onmogelijk is voor hem, want hij valt elke nacht om één uur weer in slaap. Totdat er een wonder gebeurt…

Als het spookje op een dag wakker wordt, blijkt het namelijk helemaal geen nacht te zijn! Het is dag en vol vreugde begint het spookje aan zijn ontdekkingstocht. Er zijn alleen een paar kleine probleempjes: waar ’s nachts iedereen altijd sliep, blijken de mensen nu ineens klaarwakker en doodsbang voor hem te zijn! En tot overmaat van ramp verandert het spierwitte nachtspookje ook nog eens in een pikzwart dagspookje! Zal het hem ooit nog lukken weer een nachtspookje te worden?

Klassieker in een nieuw jasje

Otfried Preussler schreef Het spookje al in 1966, waarna het in 1969 voor het eerst op de Nederlandse markt verscheen. Het verhaal zelf is dus al behoorlijk oud, maar dat betekent zeker niet dat het minder leuk is geworden. Integendeel zelfs, wat mij betreft is Het spookje net zo’n tijdloos verhaal als Meester van de zwarte molen. Het taalgebruik is soms misschien een tikje lastig en wat ouderwets, maar het verhaal zelf wordt nergens te moeilijk en de spreekwoorden en gezegden die regelmatig voorbij komen, lijken me juist alleen maar goed voor de taalontwikkeling van jonge lezertjes.

Die tijdloosheid van het verhaal wordt voor een deel natuurlijk ook veroorzaakt door de prachtige nieuwe uitgave. Het zwarte boek met het vriendelijke witte spookje op de cover ziet er ongelooflijk schattig uit, en ook de vele kleurenillustraties van F.J. Tripp zijn een lust voor het oog. De soms zelfs paginavullende tekeningen en felle kleurtjes vullen het verhaal perfect aan en zorgen ervoor dat het niet moeilijk is om je voor te stellen wat het kleine spookje allemaal meemaakt.

Geen griezelspookje

Wat ook erg leuk is aan dit spookje, is dat het absoluut geen griezelspookje is. Ja, hij kan af en toe een beetje eng zijn als hij plotseling ergens opduikt of slechteriken probeert weg te jagen, maar over het algemeen is hij een superlief, schattig en vooral ondeugend spookje. Hij haalt de gekste fratsen en streken uit, die het verhaal erg grappig maken. Het spookje is dan ook zeker niet eng of griezelig, maar vooral een lief en hartverwarmend verhaal dat zelfs de jongste lezertjes niet bang zal maken.

Conclusie

Het spookje is een prachtig, hartverwarmend verhaal dat dankzij deze heruitgave hopelijk nog vele lezersharten zal stelen. Het verhaal is grappig, spannend en wordt perfect aangevuld door de kleurrijke tekeningen van F.J. Tripp, die Preussler zelf helaas nooit meer heeft kunnen bekijken. Het taalgebruik kan soms misschien wat lastig zijn, maar over het algemeen is Het spookje vooral een tijdloze klassieker waar zowel volwassenen als kinderen hopelijk nog vele jaren van zullen genieten.




Het spookje

Ottfried Preussler | Lemniscaat | 1966
Originele titel: Das kleine Gespenst
Vertaling: Ingrid Schubert Lidi Luursema

Op slot Uilenstein woonde sinds oeroude tijden een spookje, Iedere nacht om 12uur rekt hij zich uit, niest het stof uit zijn neus en begint zijn nachtelijke rondgang. Hij heeft een sleutelring met 13 sleutels, waarmee alle deksels en deuren opengaan. Ja, zonder die sleutelbos zou het spookjesleven heel wat moeilijker zijn. Als het maar even kan gaat het pookje op bezoek bij zijn vriend Ohoe Sjoehoe, de nachtuil. Het spookje leeft al heel lang… alles heeft hij meegemaakt: oorlogen met kannonnenvuur en duizenden soldaten, een weddenschap met de graaf, 400 jaar geleden… alles. Alles? Nou ja, bijna alles… Het spookje heeft één grote wens. Het nachtspookje zou zo dolgraag een dagpookje zijn… al was het maar één dag… en dáár heeft hij heel veel voor over.

RECENSIEOVERZICHT
Eindwaardering:
Vorig artikelNieuwe beelden in laatste Justice League trailer
Volgend artikelKeltFest krijgt een nieuwe locatie

Marije behoort tot de Harry Potter-generatie en het is daarom ook niet gek dat de boeken over de tovenaarsleerling, die meteen haar eerste kennismaking met de wereld van fantasy waren, nog steeds haar lievelingsboeken zijn. Ondertussen heeft ze de rest van de fantasywereld ook ontdekt. Ze is dol op het lezen van young adult-boeken, dystopische verhalen, epische fantasy en eigenlijk alle kinderboeken waar ook maar een beetje magie in voorkomt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here