Interview met Pieter Koolwijk

0
43

 


Je hebt (en met succes) al veel korte verhalen geschreven. Hoe was het om bezig te zijn met een lang(er) manuscript?

Ik vond de omschakeling best moeilijk. De eerste keer dat ik het probeerde, beschouwde ik mijn hoofdstukken als korte verhalen op zich. Al snel raakte ik het overzicht kwijt, maar ik wist alles met herschrijven redelijk recht te trekken. Dat manuscript heb ik trouwens nooit opgestuurd. In mijn ogen is het niet goed genoeg. Ik vind een langer verhaal nu leuker om te doen, juist omdat je zoveel meer kan vertellen. Al is mijn debuut geen dik boek.

Heb je bepaalde rituelen voor of tijdens het schrijven?

Ik kan niet schrijven zonder muziek. Het liefst heb ik een koptelefoon op, zodat ik helemaal geen andere geluiden meer hoor. Op die manier kan ik echt de buitenwereld afsluiten en echt in het verhaal stappen. Verder heb ik niet echt rituelen.

In je gastblog op Fantasy Wereld schrijf je dat je de nieuwsgierigheid van kinderen wilt prikkelen en hun fantasie wilt stimuleren. Denk je dat kinderen te weinig met hun eigen verbeelding bezig zijn?

Ik denk dat het een gevolg is van het digitale tijdperk. Ik zie het al aan mezelf. Als ik de hele tijd met mijn smartphone loop te spelen dan borrelen er echt geen verhalen naar boven. Ik had vroeger boeken, een televisie en mijn speelgoed. Tegenwoordig hebben ze ook nog eens spelcomputers en gewone computers. Logisch dat ze daar tijd in steken, zou ik ook doen. Gamen is namelijk heel erg leuk. Toch zet dat niet aan tot het gebruiken van je eigen fantasie. In periodes dat ik veel games speel, verzin ik eigenlijk geen verhalen.


Op je website las ik dat je al veel verschillende fantasywezens bent tegengekomen in je leven. Welke fantasywezens spreken jou het meeste aan om over te lezen?

Ik heb iets met kleine wezentjes. Zelf heb ik in mijn korte verhalen kobolden, duveltjes, kabouters en een leprechaun gebruikt. Al kijk ik naar Harry Potter dan vind ik de twee huiselven geweldig. Dobby, maar zeker ook Knijster. Zo slecht is hij niet, hij is alleen gewend een slechte familie te dienen. Juist zijn eigenzinnigheid en manier van reageren, spreken mij erg aan. Sowieso vind ik het ‘slechte’ wel interessant. In één van de boeken van Raymond E. Feist heeft een moredhel (zwarte elf) een grote rol en volg je zijn perspectief. Dat trekt me dan heel erg, juist omdat dit de vijand is.

Je fantaseerde vroeger een eind weg. Wat voor fantasyboeken las je vroeger zelf graag? Had je favoriete auteurs?

Roald Dahl is altijd één van mijn favoriete auteurs geweest. Hoe hij de meest vreemde personages in zijn verhalen weet te verwerken alsof het de normaalste zaak van de wereld is, vind ik geweldig. Maar ook Koning van Katoren van Jan Terlouw heb ik verslonden, net zoals Oorlogswinter trouwens. De laatste is geen fantasy, maar ook die zette bij mij aan tot fantaseren.

Denk je dat er genoeg fantasyboeken zijn voor kinderen?

Boeken van Roald Dahl, Paul Biegel zijn nog steeds overal te koop. Paul van Loon schrijft ook fantasy, met Dolfje Weerwolfje en De Griezelbus. Wat is genoeg? Ik vond in ieder geval dat er wel ruimte was voor nog een boek.

Hoe ben je op het idee van Vlo en Stiekel gekomen?

Dat is een samenspel geweest tussen mij en mijn vriendin. Zij vond al langer dat het een goed idee was om bepaalde thema’s in verhalen te verwerken. Toen Stiekel werd geboren, paste zij erg goed bij een idee wat we hadden. Daarna kwam Floris (Vlo) en voor we het wisten, groeide het uit tot een verhaal. Zelfs tijdens het schrijven werd er soms nog bij verzonnen. Dat doen we nu niet meer. Nu moet eerst het hele verhaal in grote lijnen staan, de karakters moeten helemaal zijn uitgedacht en pas dan begin ik met schrijven.

Komen er nog meer verhalen over Vlo en Stiekel?

Ja, want het verhaal bleef groeien. Voor mij bestaat het verhaal van Vlo en Stiekel uit meerdere boeken. Iedere boek is een duidelijk op zichzelf staand verhaal dat los gelezen kan worden. Wel horen ze achter elkaar, omdat er toch een bepaald verloop in zit. Alleen de laatste is misschien wat prettiger om te lezen wanneer je bekend bent met één van de voorgaande boeken.


Wie is je favoriete personage uit Vlo en Stiekel?

Dat is moeilijk. Ik denk dat over één favoriet beter niet gesproken kan worden. Beter voor mijn geloofwaardigheid en beter voor de veiligheid van het karakter. Dan heb je natuurlijk Stiekel waar heel veel mensen nu al gek op zijn. Stiekel is geweldig en heerlijk om over te schrijven, maar als ik moet kiezen, ga ik toch voor Floris (Vlo). Misschien juist wel omdat hij dat extra steuntje in de rug kan gebruiken.

Zie hier links een tekening van Vlo, door Linde Faas.

De tekeningen in het boek van Linde Faas zijn prachtig, hoe was het om je verzonnen personages terug te zien? En leken ze een beetje op wat je in je hoofd had?

Geweldig. Helemaal als ze mooi en sfeervol worden neergezet zoals Linde heeft gedaan. Het was echt heel erg leuk om steeds weer nieuwe schetsen en afbeeldingen te mogen ontvangen. Als je dan zelf met herschrijven bezig bent, dan motiveren die schetsen enorm.
De eerste keer dat ik Stiekel zag, zag ze er wel iets anders uit dan ik me had voorgesteld. Floris ook wel een beetje. Ondertussen weet ik niet meer hoe ik ze toen voor me zag. Ik zie ze nu zoals Linde ze heeft geïllustreerd. En eerlijk gezegd ben ik daar alleen maar blij mee.

Hoe ben je in contact gekomen met Lemniscaat?

Toen ik klaar was, heb ik vier uitgevers uitgezocht om mijn manuscript naar toe te sturen. Stuk voor stuk gerenommeerde uitgevers waar ik graag mijn boek door wilde laten uitgeven. Van die vier hoopte ik het meest op Lemniscaat. Gewoon, omdat zij altijd hele mooie boeken maken. Na twee weken was het uitgerekend Lemniscaat die mij belde. Of ik even langs wilde komen. Dat wilde ik wel. Niets liever dan dat. En het resultaat is Vlo en Stiekel.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here