Interview met Mark Doornbos

0
39

 Als liefhebber van fantasy schreef Mark Doornbos na zijn studie een episch verhaal waarvan het eerste boek al 400.000 woorden besloeg. Een verrassend element in het verhaal was de keuze van de hoofdpersoon: dit was namelijk  de ork Cromrak. Zijn boek werd tijdens het redactieproces opgeslitst in twee boeken, die inmiddels zijn uitgekomen: Het Geheim van Khifa en De Wraak van Bernan. Wij vroegen Mark naar zijn inspiratie voor zijn verhalen en zijn plannen voor de toekomst!

interviewdoornbos1

markdoornbosIk las dat je aan spellen als bijvoorbeeld Magic: The Gathering deed, dus je fascinatie voor fantasy was al even aanwezig. Was je ook altijd al bezig met het verzinnen van verhalen?

Ik moet bekennen dat ik al op jonge leeftijd eigen verhalen bedacht, soms als scenario voor bij een spelletje en soms om ze als tekening of strip uit te werken, maar het heeft pas tot mijn studententijd geduurd voordat ik écht ben gaan schrijven. Als kind las ik al graag boeken en de voorliefde voor fantasy zat er al vanaf vroeg in, al uitte zich dat toen vooral door het spelen van fantasy games en spellen – tijdens mijn middelbare schoolperiode was ik relatief weinig in de bibliotheek te vinden. Pas tijdens mijn studie begon ik weer echt te lezen, echte fantasyboeken die vaak door vrienden werden aangeraden. Daaruit groeide de ambitie om zelf eens zo’n boek te schrijven. Fantasyboeken zijn vaak prachtige epische verhalen met mythische wezens en mooie werelden, en zelf verzon ik ook graag zulke verhalen. Waarom zou ik daar verder niets mee doen? Zo is uiteindelijk het idee voor Cromrak tot leven gekomen, een avontuurlijke, wat hebzuchtige ork die eveneens een goede kant aan zichzelf heeft. In een korte serie boeken beleeft Cromrak van alles en nog wat, met een nodige tint humor, en dankzij uitgeverij Zilverbron heb ik de prachtkans gekregen om het grote publiek met zijn avonturen in aanraking te brengen.

9789490767587Jouw boek heeft als hoofdpersoon een ork, een wezen dat in veel fantasyboeken als generieke tegenstander wordt geportretteerd, zonder al te veel motivaties en achtergrond. Waarom juist een Ork?

Ik denk dat ik wel kan zeggen: dáárom juist een ork, juist omdát hij meestal nooit als meer dan simpel kanonvoer wordt gepresenteerd, haha. Ik wilde een verhaal schrijven over een personage dat op zou vallen, een verhaal bedenken waarvan mensen zouden zeggen: hé, dat is een keer wat anders. Hierdoor kwam ik al snel bij de orks uit. Ik kende orks al vanuit diverse media als chaoten met een flinke dosis humor, en die kant van hen beviel me wel. Op die wijze heb ik ze dan ook beschreven in mijn boeken. Wat ik al snel hoorde van proeflezers en lezers van de allereerste versie van mijn eerste boek, was dat ze het leuk vonden om ‘de andere kant van het verhaal’ te leren kennen. Die feedback was het steuntje in de rug voor mij om het boek af te ronden, en het uiteindelijk ook aan een uitgeverij aan te bieden. Met goed gevolg gelukkig!

Lees je zelf nog veel (fantasy) en wat zijn schrijvers die jou hebben geïnspireerd?

De laatste jaren ben ik aardig wat boeken gaan lezen; zo heb ik mijn boekenkast ondertussen flink uit weten te breiden, haha. Mijn voorliefde blijft nog steeds fantasy, al waardeer ik een goeie thriller, detective of science fiction ook altijd wel. Wat inspiratie betreft, het is wat cliché om te zeggen maar ‘The Lord of the Rings‘ was één van de series die aan de basis heeft gestaan van Cromrak. Andere boeken zijn de ‘Goblin‘ serie van Jim C. Hines – geweldige humor – en werken van Markus Heitz (met name ‘De Dwergen‘). Maar niet alleen uit deze boeken heb ik inspiratie opgedaan, ook uit enkele kinderboeken die ik geweldig vond. Zo zal de oplettende lezer bijvoorbeeld ook elementen kunnen herkennen uit ‘De Kleine Kapitein‘ van Paul Biegel, en ‘De Avonturen van Jim Knoop en Lucas de Machinist‘ van Michael Ende.

9789024552788Kun je de associaties die mensen (en misschien jijzelf ook wel) bij Orks hebben gebruiken in je verhaal, of is het juist lastig mensen deze te laten vergeten?

Het eerste dat mensen toch vaak denken als ze de term ‘orks’ horen, is: dat zijn de slechteriken. Ik moet ook toegeven dat ik zélf nog bij die term aan de eeuwige slechteriken denk; zo worden de orks immers vaak nog neergezet in allerlei games en verhalen. Tegelijkertijd vind ik dit ook niet zo erg, omdat mensen het idee van de ‘goede’ ork dan juist verfrissend blijven vinden, en als schrijver hoop je natuurlijk dat je boeken blijven opvallen. Er zijn overigens andere series waarin de goede kant van de ork benadrukt wordt, waarin verduidelijkt wordt dat orks ook maar wezens zijn (‘Orks‘ van Stan Nicholls, ‘Grunts’ van Mary Gentle, en in de Warcraft games). Desondanks blijft het algemene beeld van ze dat ze relatief onintelligent zijn en voornamelijk met elkaar op de vuist willen. Daarom heb ik juist in mijn boeken de orks (en de trollen, en andere wezens die langskomen) wat meer persoonlijkheid meegegeven: ze hebben een eigen samenleving, eigen normen, eigen waarden, en doen niet alleen agressief tegen elkaar. Overigens geldt dat laatste punt lang niet voor álle orks in mijn boeken – er zijn altijd uitzonderingen op de regel, haha. Ze zijn in mijn boeken echter wat meer grijs van aard, dan puur zwart of wit. Dat is immers ook hoe wij als mensen zijn. Zo hoop ik de ork wat meer herkenbaar te maken.

Geheel in stijl tijdens deze epische fantasyweek waren je twee boeken oorspronkelijk een episch dik verhaal van 400.000 woorden, hoe lastig was het opsplitsen hiervan?

Dat was inderdaad wel een uitdaging, en tevens een hele goede les voor me. Wat ik bij de redactie van Zilverbron vooral geleerd heb, is dat schrijven schrappen is, en dat je alleen de stukken moet houden die relevant zijn voor je verhaal. Zo kon ik al een deel schrappen, maar vanuit Zilverbron was de voorwaarde gesteld dat een boek maximaal 120.000 woorden bevat, en dat was toch wel een héél grote uitdaging. Daarom hebben we in overleg besloten om het originele verhaal in twee delen op te splitsen en uit te geven. Er zit in het midden van het verhaal een klein pauzepunt, dus dat hebben we gebruikt voor het opsplitsen. Deel één is nu ook prima zelfstandig te lezen, al is het hoofdverhaal dus pas af na deel twee, en worden er in deel één vast wat personages geïntroduceerd die pas echt een rol spelen in deel twee. Het werkt gelukkig prima op deze manier, al heb ik hier wel van geleerd voor volgende boeken – maar leren is natuurlijk ook een onderdeel van het schrijverschap. Groei is goed!

9789490767938Zijn er dingen die je zo tof vond dat je wellicht toch voor deel 3 zou kunnen gebruiken?

Zeker, ik zal boek drie wel weten te vullen, haha. Een aantal scenes en ideeën heb ik voor de eerste twee boeken moeten schrappen, maar sommige daarvan zou ik in een later deel alsnog goed kan gebruiken. Daarbij komen er in boek één en twee een paar zijverhaallijnen aan bod die nog verder uitgeschreven kunnen worden, dus daar zal in boek drie ook veel ruimte aan besteed worden.

Het idee was nu om het verhaal in 3 of 4 boeken af te ronden, heb je het verhaal van de volgende boeken al helemaal in je hoofd zitten?

Het hoofdverhaal voor de Cromrak serie had ik inderdaad al helemaal uitgedacht, al terwijl ik met de eerste twee boeken bezig was. Zo zijn er dus nog een aantal verhaallijnen die open eindjes hebben na deel twee, die hoop ik in boek drie en het waarschijnlijke boek vier mooi aan elkaar te binden. Mijn bedoeling is namelijk om uiteindelijk een compleet rond verhaal te hebben en volledig ontwikkelde karakters waarmee je je kunt sympathiseren, ook al zijn ze (over het algemeen) niet-menselijk van aard. De kracht van een verhaal wordt immers voor een groot deel bepaald door de personages, dus die moeten wel de nodige aandacht krijgen.

Schrijf je wat dat betreft je verhaallijnen ver vantevoren uit, of  gaat het verhaal al schrijvende verder?

Ik moet toegeven dat ik aanvankelijk begonnen was met het schrijven aan Cromrak terwijl ik er nog niet helemaal over uit was wat de hoofdlijn in het boek precies zou worden: die hoofdlijn dacht ik gaandeweg pas uit. Dit heeft mij uiteindelijk in een later stadium veel correctiewerk opgeleverd, omdat het begin niet meer overeenkwam met het latere verhaal, dus dat was een belangrijk leerproces voor me, haha. Voor boek drie had ik al tijdens het schrijven van de voorgaande delen een globale opzet uitgewerkt, inclusief hoofdstukindeling, en dit helpt mij nu enorm. Je weet nu precies hoeveel je in een boek kwijt kunt en hoeveel ruimte je aan bepaalde gebeurtenissen kunt besteden. Ik heb begrepen dat dit systeem niet voor iedere schrijver werkt, maar voor mijn volgende boeken zal ik het zelf zeker weer gaan gebruiken.

En heb je nog plannen/ideeën voor boeken die je na de Kronieken van Cromrak zou willen uitwerken?

Nou, ik heb al wel een idee inderdaad. Ik vond het concept achter de film ‘The Cube’ altijd al interessant: een groep gevangenen in een afgesloten ruimte, die gaandeweg pas ontdekken waarom ze daar precies gevangen zijn gezet. Ik weet nog niet in welke setting ik dit verhaal precies wil gaan schrijven – fantasy, science fiction, thriller, misschien een mix van elementen – maar het is wel een idee waar ik graag eens wat mee zou willen doen. Daarnaast zou ik ook wel graag een vervolgverhaal willen schrijven dat zich afspeelt in dezelfde wereld als die van Cromrak. Het lijkt me namelijk leuk om af en toe eens kleine referenties te kunnen maken in mijn vervolgwerken naar de Cromrak boeken: bepaalde gebeurtenissen, bepaalde personages. Zo blijf je daar namelijk toch wat mee verbonden, en zoiets opzetten, dat lijkt mij echt heel tof. Ik merk ook dat ik de laatste tijd steeds meer ideeën krijg hierbij, dus wie weet!

castlefestJe stond op afgelopen CastleFest op de Zilverspoor stand om je boeken aan mensen voor te stellen. Hoe vind je het om zo direct met je (eventuele) lezers in contact te komen?

Het contact leggen en onderhouden met (mogelijke) lezers is iets waar ik in eerste instantie heel erg nerveus over was. Je weet ondertussen dat je vriendenkring het verhaal leuk vindt, dat de uitgeverij het heeft goedgekeurd, maar wat vindt het grote publiek er nu precies van? Die eerste beurs, Elfia Haarzuilens 2014, was dan ook een behoorlijke test voor mij, zeker omdat ik van nature niet echt een verkoperstype ben – ik ben althans nooit erg goed geweest in het houden van vlotte verkoperspraatjes. Toen Elfia ook nog eens heel rustig begon, met weinig winkelend publiek, moet ik zeggen dat ik wel even ervoor vreesde of dit allemaal wel goed zou komen. Gelukkig kwam daar het moment dat ik mijn eerste boek verkocht, en niet veel later het tweede, en voor ik het wist kwam de boel echt op gang. Als je dan later je eerste feedback binnenkrijgt van deze lezers, en dat blijkt positief te zijn… dat was wel een enorme opluchting moet ik zeggen.

Ik kreeg steeds meer contact met mijn lezers en steeds meer leuke reacties binnen, soms zelfs hartverwarmend, en nu sta ik regelmatig op beurzen met de Zilverbron en Zilverbron familie en geniet er steeds weer van. Het is ontzettend leuk om lezers bij je kraampje terug te zien komen, even een praatje met hen te maken – wat ondertussen lang niet altijd meer over mijn boeken gaat – en het is daarbij ook superfijn om er met mijn collega’s te staan, omdat we er met zijn allen altijd weer iets gezelligs van weten te maken. Ik vind het dan ook altijd jammer als er weer een beurs op zit, merk dat ik dan alweer uitkijk naar de volgende. Een goed teken, en een van de redenen waarom ik voorlopig nog wel even blijf schrijven. Zolang ik maar mensen blij kan maken met mijn schrijfwerk, ga ik er zeker mee door!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here