Kevin Valgaeren debuteerde in 2011 met zijn Gothic Novel: De Ziener. Voor Fantasy Wereld schreef hij eerder over de oorsprong van de Gothic Novel. In deze nieuwe tweeluik vertelt hij ons over de invloed van het genre op zijn eigen persoon en boek.


Gastblog: Kevin Valgaeren – Het donker, mijn goede vriend 1

kevinvalgaeren
Zolang ik mij kan herinneren heeft de Gothic steeds een belangrijke plaats ingenomen in mijn leven. Ik heb lang nagedacht waarom dat het geval was en ik heb er nog eens extra over gemijmerd toen Fantasy Wereld vroeg waarom het genre me zo erg bezighield en wat daar van terug te vinden was in De Ziener.

“Ben je nu weer van die rare boeken aan het lezen?” zei mijn moeder vroeger vaak. Alleen zeggen ze in Turnhout ‘oarige’ in de plaats van ‘rare’.
“Ben je nu weer naar die griezelige films aan het kijken?” zei mij vader vroeger vaak. Alleen zeggen ze in Turnhout ‘grèllige’ in de plaats van ‘griezelige’.
Ja, is was weer van die rare boeken aan het lezen of van die griezelige films aan het kijken. Maar waarom eigenlijk?

Ik moet bekennen dat ik in het begin geen grote lezer was. Het is niet zo dat ik als zesjarige de bibliotheek plunderde of aan mijn moeders arm bengelde om een nieuwe lading leesvoer in de boekhandel te gaan halen. Dat is pas gekomen toen ik op mijn tiende verjaardag van mijn grootmoeder een boek kreeg van Enid Blyton, genaamd De Vijf en de schat in de bergen (1955). Twee dagen later had ik het boek uitgelezen en ’s anderendaags ging ik het eerste deel van The Famous Five kopen in de Maxi GB voor 81 Belgische Frank. Een paar maanden later had ik alle eenentwintig delen verzameld en verslonden.


The Famous Five — of De Vijf in het Nederlands — was een reeks over vier middenstandskinderen en hun geniale hond Timmy. Julian en Dick waren broers en Anne was hun jongere zusje. Iedere schoolvakantie spraken ze af met hun nicht Georgina, die liever George werd genoemd en een echte tomcat was. Elk boek begon op de eerste dag van de vakantie, waarin de kinderen het platteland introkken en daar steevast te maken kregen met een paar schurken — veelal smokkelaars — die ze achtervolgden tot ze hen te pakken kregen, waarna de volwassenen het van hen overnamen. De avonturen eindigden geheid in een geheime gang van een oud landhuis dat balanceerde op de Engelse kliffen of in een ondergronds netwerk van tunnels. Ja, het was allemaal heerlijk Engels en Gothic. Toen al!

Enid Blyton schreef The Famous Five in de jaren vijftig van de vorige eeuw, samen met nog — hou u vast! — achthonderd andere kinderboeken waar, volgens Wikipedia, momenteel zo’n zeshonderd miljoen exemplaren van zijn verkocht. Tot vandaag is Enid Blyton, hoewel ze stierf in 1968, razend populair aan de andere kant van het Kanaal en staat ze er nog steeds in de top tien van best verkopende auteurs.

Enkele jaren geleden heb ik uit nieuwsgierigheid enkele delen van de reeks opnieuw aangeschaft in het Engels. De conclusie was dat Blyton niet in staat is om twee deftige zinnen naast elkaar te schrijven, maar dat neemt niet weg dat al die verhalen, allemaal geschreven volgens dezelfde formule, razend spannend blijven en je als volwassene doen dromen van de tijd dat je jezelf volledig kon afsluiten van de realiteit in het spreekwoordelijke hoekje met, uiteraard, een boekje.

Toen ik twaalf was, liet ik de jeugdliteratuur achter mij, desondanks het feit dat ik de laatste jaren met plezier terug naar een goed jeugdboek grijp. Ik ontdekte het oeuvre van Stephen King, met titels als Dolores Claiborne (1993) en het waanzinnig sterke Insomnia (1994). Sindsdien ben ik de auteur op de voet blijven volgen. In die periode introduceerde mijn oom, de jongere broer van mijn moeder, mij eveneens in de wereld van de cinema voor grote mensen. Hij was in die tijd nog inwonend bij zijn ouders — mijn grootouders — en als we op familiebezoek gingen, dan kroop ik steeds naar zijn slaapkamer waar een indrukwekkende verzameling videocassettes te vinden was en een al even indrukwekkende boekencollectie, voornamelijk titels uit het science fiction genre. De eerste films die hij mij als minderjarige stiekem liet zien, waren vehikels van Arnold Schwarzenegger, zoals The Terminator (1984) en Total Recall (1990), die een enorme indruk op mij maakten… tot mijn oom mij op een dag Bram Stoker’s Dracula (1992) van Francis Ford Coppola liet zien. Zonder schroom mag ik hier schrijven dat die eerste visie van Coppola’s film mijn leven heeft veranderd. Dankuwel, Benji!

De haast theatrale manier waarop het verhaal werd verteld, de bijzonder eigenaardige cameravoering, die zwaar geïnspireerd was op oudere verfilmingen van Stokers roman, en de bombastische muziek van Wojiech Kilar ontketenden in mij een ware drang naar informatie omtrent dat boek en de Gothic, hoewel ik die naam toen nog niet kende. Ik ging op zoek naar Stokers boek en plunderde de videotheek van mijn oom op zoek naar meer van hetzelfde. Zo kwam ik niet alleen in aanraking met de Gothic Novels van weleer, maar ook met de Angelsaksische negentiende-eeuwse literatuur tout court. Een nieuwe wereld ontsloot zich voor mij, waar ik de dag van vandaag nog steeds graag in vertoef. Ik geef toe dat het lezen van Engelse klassiekers niet voor de hand liggend was als dertienjarige puber. Gelukkig werd ik geholpen door een bijzonder vruchtbaar aanbod in de cinema.

In de jaren negentig van de twintigste eeuw heerste er in de bioscoop een soort van fin de siècle-gevoel, wat een hoge productie van kwalitatieve kostuumfilms tot gevolg had, veelal adaptaties van klassieke romans. Ik leerde Shakespeare kennen dankzij Mel Gibsons onderschatte vertolking in Franco Zeffirelli’s Hamlet (1990), Kenneth Branagh’s Much Ado About Nothing (1993) en natuurlijk Baz Luhrmanns Romeo + Juliet (1996). Ik leerde Jane Austen kennen dankzij Sense & Sensibility (1995) van Ang Lee en de BBC-reeks Pride & Prejudice (1995), die onder andere de carrière lanceerde van Colin Firth en Jane Austen weer hip maakte. Ik kan nog meer films opnoemen die een onuitwisbare indruk op mij hebben achtergelaten — zoals de meesterlijke adaptaties van Frances Hodgson Burnetts boeken The Secret Garden (1911) en A Little Princess (1905) — maar belangrijker is dat die productie van kostuumfilms tevens gepaard ging met een Gothic Revival, waarin alle oude verhalen in een nieuw kleedje werden gestoken en waarvan Bram Stoker’s Dracula de eerste verfilming in het rijtje was.

Lees deel 2 >>




Reacties op: Gastblog: Kevin Valgaeren – Het donker, mijn goede vriend 1