BoekenKorte verhalenDe sepia gloed van de analyserende machines - Jack Schlimazlnik

De sepia gloed van de analyserende machines – Jack Schlimazlnik

-

s-Gravenhage, oktober ’11

Waarde lezer,

Het verheugt mij u welkom te mogen heten in dit gastschrijven voor het elektronische orgaan Fantasy Wereld-punt-enel. Mij is door mejuffrouw Van O. gevraagd om, begeesterd als ik ben door het genre, iets te schrijven over steampunk. Een uitnodiging die ik dankbaar aanvaard.

Ik wil u met deze tekst niet vermoeien met de eeuwigdurende discussie over de definitie van steampunk, noch wil ik u meenemen naar de materialistische wereld van tandwielen, bovennatuurlijke stoommachines, vliegeniersbrillen, creatieve gezichtsbeharing (voor de heren) en textiele huisvlijt (voor de dames) of beide (voor de burleske Vrouw met de Baard die in het genre niet te versmaden is). Ik wil u niet in een wat krappe tijdsmachine doen plaatsnemen om u te laten rondkijken in de wereld van de proto-steampunk, de crinoline, de smog en de paardenvijgen tussen de houten rails. Dat kan u vermoedelijk niet bekoren. Zo zult u ook weinig interesse kunnen tonen voor een brede blik op de al dan niet vermeende historie van het genre, die al veelvuldig op het elektronische informatieweb is te vinden; en als dat niet onder de naam steampunk is, dan kunt u misschien vinden wat u zoekt door de spin te vragen “gaslight” te zoeken, of “victoriana”. Want de historici van het genre gaan net zo creatief om met de geschiedenis van het genre als met de feiten uit de eeuw waarin zijn uchronische wortels woekeren: de roemruchte negentiende eeuw, de eeuw van de Britse Koningin Victoria naar wie het tijdperk is genoemd: the Victorian Age. Thans zouden wij dit in Nederland het Willems Tijdperk kunnen noemen, maar onze spreekwoordelijke nuchterheid en deemoed gebieden ons slechts het nummer der eeuw te noemen.

Maar dit terzijde. Wees zo vrij de thee bij te schenken wanneer het u belieft. Het is originele oranje pekoe met een snufje darjeeling. Wilt u er een taartje bij? Dan zal ik even schellen om de huisknecht. Ik zou in dit erudiete gezelschap niet zonder kunnen. Hij is wat Passepartout was voor Fogg, Jeeves voor Wooster, de Watson van Holmes. Afijn. Waar was ik gebleven? De IJzeren Spoorweg, de Tiendaagse Veldtocht, ons Indië? Ach, natuurlijk, Manus… Ja. De thee!

Neen, geen tempo doeloe. Ik wilde u uitnodigen te gaan zitten met uw kopje thee en u in het boek te verdiepen. Welk boek? zult u zich afvragen. Maar dat doet nu niet ter zake, want alle boeken zijn hetzelfde. Elk boek is een nagenoeg eindeloze codereeks van letters en witte ruimten. Een codereeks, mijn beste, waar u zich nu mee bezig houdt. Deze code beïnvloedt uw brein, zodat u iets voor u gaat zien dat er niet echt is. Ach, nu denkt u natuurlijk dat uw dierbare Schlimazlnik iets te veel van de absint heeft gesnoept of zelfs aan de opium heeft gelurkt! Maar niets is minder waar. Ik probeer u door mijn woordkeus een wereld van weleer te schilderen, zodat het sepia u voor de ogen zweemt. Want sepia is de kleur van de steampunk, hoezeer ik zelf mauveïne die status had gegund.

Ik herinner mij een rit in een omnibus der RET door een oudere stadswijk van de wereldhavenstad. Daar heerste nog de statige sfeer van weleer. Een kleine jongen keek belangstellend uit het raam en vroeg zijn begeleidster: “Oma, vroeger was alles zwart-wit, hè?” De grootmoeder was enigszins verbouwereerd en antwoordde “Ja, jongen.” Ze keek weg naar de voorname gevels en glimlachte. Ziehier de perceptie van het verleden: wij zien de negentiende eeuw niet door de ogen van de kunstenaar, maar door de ogen van diens kunst. De pastellen van de Romantiek, de woeste kleuren van expressionisme, het weelderig duister van de neogotiek, de verzwommen beelden van het impressionisme en een lange reeks verkleurde en half vervaagde fotografieën, daguerreotypieën, en haperende films. Beelden van het schaarse dat ons rest uit het verleden: de door zure regen aangevreten bouwkunst, de stoffige museumobjecten. Om maar te zwijgen van de vergeelde bladzijden der toenmalige literatuur. Wij zien het Willems Tijdperk in sepia-kleuren met het donkere hout van de Biedermeier, het stemmige glas-inlood van de Slaoliestijl en dat alles aaneengesmeed met glanzend messing en gepatineerd brons, al dan niet bedekt door half-opake stoomflarden en een deken van smog en steenkoolgruis.

De caleidoscoop die ik u schilder, is wat de schrijver van steampunk met zijn codereeksen wil oproepen in uw brein. Dit is essentieel! Steampunk bestaat immers niet alleen uit literatuur. Steampunk is al snel na zijn ontstaan opgepikt door rollenspelontwikkelaars die boeken met veel fraaie illustraties uitbrachten.

En rond de millenniumwisseling was het genre, als een echo van dat andere finde-siècle, op het grote linnen der lichtspelhuizen te zien. Titels als The Wild Wild West, From Hell, Moulin Rouge en Van Helsing herkent u misschien wel. De beeldroman groeide daarin mee. In al die ontwikkelingen speelde de visuele esthetiek een grote rol. Een rol die de overhand nam in de huisvlijt die de hedendaagse steampunk tentoon spreidt. Juist dat direct-visuele moet de literatuur ontberen. De schrijver kan slechts proberen met codes die beelden op uw netvlies te schilderen.

Edoch, kleuren zijn niet het enige dat de schrijver u wil schilderen. Steampunk moet de sfeer ademen van het Willems Tijdperk. De personages moeten naar de mode van de tijd gekleed zijn, met de nodige aanpassingen om de term steampunk te rechtvaardigen. Het technische- of sciencefictionaspect wordt benadrukt door de machinerie van weleer. Bovendien kent de steampunk zijn eigen iconografie. Die wereld moet eveneens in de code worden verwerkt om uw brein te bespelen als een schaakturk een klavecimbel.

Kijk nu hoe u daar zit, in uw gecapitonneerde orenfauteuils met een antimakassartje in uw nek. De heren zijn goed in het genre voorzien met hun vadermoordenaar, de dikke horlogeketting op hun straksluitende vest en overschoenen die hun status benadrukken. Maar de dames lijken even ongemakkelijk met hun korsetten, crinolines en petticoats. Moet ik Manus vragen u in plaats van taartjes een komkommer te serveren om te voorkomen dat het snoer van uw korset knapt? Oh! Het spijt me zeer, ik had niet zo kwistig moeten zijn met obsceniteiten betreffende de wat te voor de hand liggende groenten. Maar zolang u uw poezelige enkels met gamaschen bedekt houdt, zal mijn ziel niet bezoedeld worden door zondige gedachten. Nogmaals mijn oprechte excuses voor dit blamerende intermezzo, ik hoop dat u mij kunt vergeven. Want wij, als toonaangevende elite binnen de cultuur, weten toch wel beter dan het schorem uit de sloppen, de straatjochies en de deernen van lichte zeden die onze beschaving aantasten en onze verboden dromen voeden.

Toch moeten wij in de steampunk onze blik ook wenden naar de minder bedeelde medemens. Onze machinerie wordt aangedreven door mannen als Manus, en soms door vrouwen, die opmerkelijk vaak de naam Ada dragen: niet geheel toevallig de naam van een programmeertaal, een echo ook van de cyberpunk. Hoewel hun rol soms identiek lijkt aan die van de automatons, of de roboti zoals de Tsjechen het noemen, zijn zij allen menselijk. Zoals wij dit ook bij de slaven in onze koloniën hebben kunnen constateren. En misschien zijn roboti ook wel aangeraakt door de aether, de adem der goden die het ons mogelijk maakt in het heelal te overleven.

Ik begeef mij hier op het controversiële terrein van de punk achter de steam. Ik zie de ontzetting, ja zelfs de walging in uw ogen! Toch is de naar smeerolie en roet stinkende technologie de kwintessens van de steampunk, niet de aether. De stokers en de machinisten, de ingenieurs en de smeden, de ambachtsman en zeker ook de luddiet, zij maken dat onze steampunkwereld tot leven komt en bewegen kan. De schrijver die dit wil verbeelden moet goed op de hoogte zijn van termen als vuurkasten en vlampijpen, boilers, zuigers, drijfassen en -riemen. Propellers, gondels en ankermasten moeten deel uitmaken van zijn vocabulaire. Schering en inslag eveneens. De harteklop van het Willems Tijdperk is immers die van de ritmisch voortvlijtende machinerie!

De technologie heeft geleid tot een eigen iconografie van de steampunk. Zo zult u in de steampunk zien dat veel mode-accessoires zijn ver(fom)f(r)aaid met tandwielen. Excuseert u mijn sarcasme, maar tandwielen die niet kunnen draaien reken ik niet tot de aesthetica. Het icoon van het tandwiel zal zelden voorkomen in de serieuzere steampunk, daar veel techniek uit het stoomtijdperk uitstekend werkte zonder tandwielen. Hydraulica! Pneumatica! Deteronische frombotzers en blinken lights! Het genre is nog lang niet uitgeput wanneer die methoden worden herontdekt en voor nooit voorziene doelen worden gebruikt. Alleen de verschil- en analytische machines van Charles Babbage zijn een ode aan het tandwiel. De ironie wil dat het tandwiel wel een grote rol speelt in een vroeg en inmiddels vrijwel vergeten sub-genre van de steampunk, de clockworkpunk.

Algemeen gelooft men dat ook het gebruik van goggles (veiligheidsbril, vliegeniersbril) een relict is uit het Willems Tijdperk; het is evenwel afkomstig uit de subcultuur der cybergoth. De stap van mensen in Victoriaanse kleding met moderne apparaten naar mensen met moderne kleding en dito apparaten die beide als Victoriaans zijn vermomd is niet zo heel erg groot. Maar de goggles, op het voorhoofd of op de hoge hoed gedragen, zijn het kenmerk en daardoor het herkenningsteken voor steampunks die elkaar ontmoeten. Ook dit is een code, maar een die zelden in boeken wordt vastgelegd.

Nu Manus de samowar weer heeft bijgevuld, kunt u rustig nog eens bijschenken. Wilt u misschien een Havannah erbij? Ach, voor een steampunk is roken niet schadelijk; de smog, fijnstof en roet verpesten onze longen al genoeg: daar kan een sigaartje geen schade meer doen. De geur van een goede sigaar, van boeken en de houterige tinteling van whisky: de schrijver wil u dat ook laten ruiken en proeven door het in de tekst te coderen.

De schrijver van steampunk vraagt u tevens vaak naar boven te blikken. In het zwerk verplaatsen zich diverse luchtschepen: zeppelins, blimps en ballons, vroege vliegtuigen. Deze luchtvloot is niet zo onbedreigd als in de Willems Tijd, want zij wordt bedreigd door de hemelkraak, die onder zijn Engelse naam “air kraken” beter bekend is. De kraak is een reusachtige octopus, deze vliegt met zijn lange tentakels door het luchtruim, en soms het heelal, om de luchtschepen te verschalken. Soms lijkt de luchtkraak meer op een enorme kwal waardoor het een personificatie van de vijandige admiraal zou kunnen zijn. Andere keren heeft het monster meer weg van een verkeerd gecodeerde draak, of een Oude uit de Chtulhu-mythos.

Ja, Manus, wat is er? Ach, het luchtschip om de bezoekers thuis te brengen is aan de observatoriumtoren verankerd. Bedankt, Manus. Vertel de kapitein dat mijn gasten spoedig gereed voor vertrek zullen zijn. En schenk dan nog een glaasje absint voor ons in. En u, mijn trouwe vrienden, uw luchtschip wacht weldra om u terug te laten keren naar uw eigen tijdperk. Ik hoop dat ik u niet heb verveeld met mijn uiteenzetting over steampunk, die iets langer is uitgevallen dan ik had gedacht, en voor velen misschien een uitdaging is om te lezen. En maakt u zich geen zorgen om de luchtkraak, want die heb ik ietwat overdreven. Steampunk is niet voor niets een subgenre van de verbeeldingsliteratuur.

Maar voor u gaat: kan een van u mij vertellen hoe ik mijn postduifje via de nieuwerwetse buizenpost naar mejuffrouw Van O. kan verzenden? Hoe zegt u? Met meel? Gepaneerd wellicht?

In verwarring verblijvend, uw toegenegen Jack Schlimazlnik

Gerelateerde artikelen

Geef een reactie

Delen

Meer van dit redactielid

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Schrijf je in voor de FantasyWereld nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws en onze winacties

Recente reacties